Fannetiek over vrouwen en krachttraining

Fannetiek over vrouwen en krachttraining

Ik ben bodybuildster. Ik ‘bouw aan mijn lichaam’ om straks te shinen op dat podium. Want dat is precies – en het enige – wat ik bedoel met bodybuilding. Eng woord? Zie het als een volleybalster (die doet aan volleybal) of een tennisster (die doet aan.. afijn, je begrijpt m’n punt). Bodybuilding is een bewuste keuze om zo met je lichaam om te gaan dat het groot en sterk wordt. Door training, door goede voeding en door een berg doorzettingsvermogen (en aanpassingsvermogen). Je vindt jezelf keer op keer opnieuw uit en dendert door je eigen grenzen. Je leert je lichaam kennen op een manier die je niet eerder kende en er alles aan doen om het op volle kracht te laten draaien. Dat is – voor mij – bouwen aan mijn lichaam. Een betere versie van mezelf uitvinden. En daarmee mijn doel verwezenlijken. Pff, heavy wel hè?

Helaas worden vrouwelijke bodybuilders niet of nauwelijks geaccepteerd in ons land. Vaak zijn de blikken die ik krijg van mensen aan wie ik vertel wat ik doe veelzeggend. Vrouwen aan de fitness (lees: cardio) is één, maar vrouwen aan de (zware) gewichten is iets heel anders. Bodybuilding zou niet ‘vrouwelijk’ zijn, ab-so-luut niet sexy en ‘met al die spieren’ zouden we  er al snel mannelijk uit zien. Is het angst voor het onbekende? Is het onbegrip? Is het jaloezie? Omdat een platte buik en strakke armen (billen/benen/vul in) stiekem een droom is wat wegens gebrek aan motivatie niet lukt? En wat is dan wel vrouwelijk? Moeten vrouwen blond zijn? Of juist donker? Moeten we cup B, C of dubbel D hebben? Dikke billen, platte billen, moeten we klein zijn, of juist lang. Blauwe ogen? Groene ogen? U vraagt, wij draaien.

De media spelen al jaren in op het zelfbeeld van (jonge) vrouwen met alle gevolgen van dien. Ook ik was ooit een meisje dat opkeek naar modellen in tijdschriften of op tv. Ik paste niet in maatje 36, ik was geen fijn poppetje. Maar ik moest en zou er per se zo uit zien. Ik knipte de plaatjes van de modellen uit en plakte ze in een plakboek. Daarnaast schreef ik hoeveel ik had gegeten die dag. Soms niet meer dan een appel en een bakje yoghurt. Als ik daar nu aan denk schaam ik me dood, maar raakt het me ook. Want er zijn vast duizenden meiden die op dit moment doen wat ik toen deed. Ik ben me (gelukkig) gaan verdiepen in voeding en de werking van het menselijk lichaam en volgde een opleiding tot gewichtsconsulente. Pas toen begreep ik wat ik m’n lichaam aandeed door mezelf uit te hongeren. Pas toen begreep ik wat een lichaam nodig heeft om te functioneren. De jaren erna heb ik nog meer geleerd over voeding en sport, en nu ben ik hier. Klaar voor de volgende stap. Meedoen aan mijn eerste fitnesswedstrijd en wie weet wat daarna volgt.

Terug naar being a bodybuildster. – Heeft het iets met mannelijk- of vrouwelijkheid te maken om ervoor te kiezen om sterker te worden? Nee. Kracht is geen mannelijke eigenschap, het is een universele eigenschap. Mannen en vrouwen hebben dezelfde spieren en zij kunnen op dezelfde manier die spieren opbouwen. Het enige verschil is dat mannen sneller spiermassa opbouwen doordat zij meer testosteron aanmaken. Ook vrouwen maken van nature testosteron aan, maar in mindere mate. Daarom is het lastiger voor hen om (heel) groot te worden. Lastiger, niet onmogelijk. Maar dat is een ander verhaal. Ik vind het onderscheid dat wordt gemaakt tussen mannelijke en vrouwelijke bodybuilders onterecht. De sport is geaccepteerd voor mannen, maar voor een vrouw is dit niet gepast. De naam ‘bodybuilding’ – letterlijk het bouwen aan je lichaam – draagt geen genderbetekenis (inspiratie via loosely.nl). Wie bouwt aan haar lichaam, houdt van haar lichaam. Strong is the new skinny. Amen.

SITNS